dinsdag 3 januari 2017

Onvoorwaardelijke liefde

Ze is  35 jaar. Een vrouw op mijn afdeling van een vorige werkplek. Ze is doof en bijna blind. Haar verstandelijk niveau reikt amper tot 1,5 jaar, aldus de deskundigen. Praten kan ze niet. Ze ziet tot een halve meter een klein beetje. Onze verzorging als begeleiders reikt tot het verschonen van luiers, het helpen douchen en geven van orders. Orders? Ja……orders. Ooit heeft iemand in 1995 bedacht, dat als je op de tafel klopt en wuift, je aandacht krijgt. Als je dan wijst naar de rollator, dan weet deze vrouw, die ik nu een andere naam: Joy geef, dat ze naar haar kamer moet wandelen. Hier zal ze dan verschoond worden.

Ik zit aan de tafel. Ik kijk naar Joy. Het is tijd. Tijd om haar te verschonen. Luiers voor volwassenen, ongeveer een meter breed. Ik klop op de tafel, trek haar aandacht met mijn hand en wijs. Wijs naar haar rollator. Het is als een commando. Dit commando……Kan ik simpelweg niet meer. Diegene die het ooit bedacht. Ik heb er geen sympathie voor.

Joy, een jonge vrouw. Is niet anders gewend. Anderen beslissen over haar leven. Ze leeft al jaren in een instelling voor mensen met een verstandelijke beperking Ze is zover beschadigd, dat ze het niet verdraagt dat iemand aan haar zit. Een knuffel is uit den boze. Hechtingsproblematiek. Het maakt dat we als begeleiders plastisch te werk gaan en commando’s geven. Omdat de heren geleerden het ooit zo bedachten.

Ik zie voor mij, een vrouw. Ik zie haar ogen die afdwalen. Ogen die geen contact zoeken. Ik zie een mens, een persoon. Nieuwschierigheid is in mij. Bewogenheid is in mij. Liefde is in mij. Wie ben jij? Wie zit er in jou? Ik kan het niet meer. Commando’s geven. Afstand omdat iemand bedacht dat zij het niet wil. Orthopedagogen maakten een verslag. Mijn hart denkt er anders over. 


Ik denk aan mijn eigen leven. Een meter prikkeldraad om mijn comfortabele metertje. “Kom niet in de buurt” “Raak me niet aan”.  Ik denk aan mijn hart. Dat schreeuwt. Ik kan het niet maar de behoefte is zo groot. “Hou me vast” Ik zie mijn eigen gedrag. Aanraking verstijft als een plank. Ooit…. Er kwam verandering in. Liefde. Vertrouwen.

Joy….Ik wil weten wie jij bent. Ik wil weten wie er in jou zit. Joy….Ik kies ervoor om jou lief te hebben. Ik kies ervoor, om jou, dat te geven wat je niet verdraagt maar wat je wel nodig hebt. Aanraking en liefde. Vanaf die dag, geef ik geen commando’s meer. Elke keer als ik jou moet verschonen of verdrogen, elke keer dat je een eindje moet lopen, pak ik niet je rollator. Geef ik geen commando.
Ik kies ervoor om je mijn hand toe te reiken. Ik geef je mijn hand en samen lopen we naar je kamer. Samen lopen we naar je douche om je te helpen. Samen lopen we terug. Hand in hand.


Joy….een beschadigde vrouw. Het niveau van een jong kind van 1,5. Doof en bijna blind. Je verdraagt mijn hand nu al zeker een half jaar. De blikken in je ogen zijn niet alleen meer naar de tafel of in de verte. De blikken in jouw ogen, kijken me ineens aan. Recht in mijn ziel. Ik breng je naar bed. Kleed je uit. Doe je pyama aan en sla je deken open. Je stapt in je bed. Normaal, draai je je om. Zie je mij niet meer  en ga je slapen. Nee….nu is het anders. Je kijkt mij aan. Het halve metertje zicht dat je hebt, zoekt contact. En dan….totaal onverwachts, is daar jou hand. Ver verstopt onder de dekens vandaan reik je jouw hand boven de dekens. Je zoekt mijn hand. Ik geef het je. Onze warme handen raken elkaar. Een chemische reactie vindt plaats. Jouw gezicht…..Je lacht van oor tot oor. Dwars tegen de onderzoeken van de orthopedagoog in. Liefde……Onvoorwaardelijke liefde was het antwoord op jouw levensbehoefte. De hardheid smolt, de liefde overwon. Mijn hart smelt ook. Een traan rolt over mijn wang. We hebben elkaar begrepen. Jouw hand in de mijne. Geen commando’s. Liefde is het antwoord. Gewoon. Hand in hand. Jij en ik. 

vrijdag 30 december 2016

Tussen oud en nieuw

We eindigden vorig jaar als gezin met een groot gebed. Mijn gezondheid was zo slecht, dat we besloten hadden om thuiszorg aan te vragen om ons gezin te ontlastten. De berichten uit het ziekenhuis waren zodanig, dat er uitzichtloosheid leek te zijn. Uitbehandeld. 

Op de laatste dag van het jaar, kochten we een wensballon. Een grote papieren zak. We schreven het vol met gebeden als gezin. Met dankbaarheid voor de dingen die er wel waren geweest. Met wensen voor het nieuwe jaar aan onze hemelse Vader. Het was een pijnlijk maar intens en dankbaar moment. Eerst vierden we gezamenlijk als gezin het avondmaal. We baden onze gebeden uit. We staken de wensballon aan en lieten hem de lucht in gaan. Een eenparig gebed van ons 4-en aan onze God. “Dat mama weer gezond mocht zijn” “Dat we gelukkig mochten zijn” Gerechtigheid…. Een leven zonder pijn.

Amper 3 weken nadien, voltrok zich een Godswonder. Een lang verhaal kort. Van uitbehandeld in het medische circuit, werd mijn alles zeggende en ondragelijke zenuwpijn aan de kant geschoven door een fysiotherapeut. Hemelsbreed slechts 500 meter van ons huis vandaan. Daar, terwijl ik in het voortraject aan mijn hersteloperatie nog liggend op de achterbank, 200 kilometer heen en 200 kilometer terug, de ontbering moest doorstaan van een second opinion en vervolg behandelingen. Artsen die  WEL wisten wat er aan de hand was. Zenuwblokkades, de meest vrouw onvriendelijke onderzoeken en behandelingen. Het kostte een hoop.
Ondertussen kwamen de medische dossiers op ons huisadres binnen. Fouten waar de honden geen brood van lustten. Dit leed was niet nodig geweest.
En dan ineens is het december 2016. We zijn een jaar verder. Een jaar verder in het proces. Rechtop, werkend met een nieuwe baan. Uitkeringsloos, volop in de maatschappij actief. Mijn eigen huishouden runnend. Diep dankbaar, voor de uitkomst. Diep dankbaar voor de zegen. Thuiszorg is nooit nodig geweest.

Schrijvend van deze blog, rollen de tranen over mijn wangen. Ja, dankbaar voor wat over is maar….
Pijnlijk, om weer in het arbeidsproces mee te draaien. Pijnlijk om weer volledig deel te nemen aan de gang van de wereld. De diepte, de boosheid, het gekonkel, de niets zeggende gesprekken. De hardheid van de wereld pakt me bij de neus. Prestatiedrang, waar ik allang mee afgerekend had, wordt me in de maag gesplitst. Mee gezogen om eensgezind te zijn met een stroming wat ik niet wil.
Een strubbeling. Het ZIJN, lijkt ineens ver te zoeken.

Weemoedig denk ik terug aan een jaar. Daar, waar mijn Vader in de hemel, nog nooit zo dichtbij was. Nog nooit zoveel liefde gaf. Nog nooit, zoveel verzorging gaf. Inzichten, diepte, profetie, strategie, vreugde, vrede en liefde. Ik was alleen. Veel alleen. Samen met hem in de schuilplaats. En nu….. terug in de wereld. Dankbaar voor wat kwam maar wetende….. Dat de alles vervullende liefde en vrede, in een tijd van onderdrukking en pijn, groter en dieper is dan een gezond mens ooit zal kunnen begrijpen. God ziet om naar de lijdende mens. Dieper en intenser dan ooit verwacht.

Ik kijk uit naar een nieuw jaar. Denk met weemoed terug naar de diepe intense vervulling van de eenzame en pijnlijke momenten. Ik heb maar 1 wens voor 2017. “Leer me om te leven in deze wereld” Zoals U het bedoelt heeft. De andere kant van de medaille. Van vreugde, vrede en liefde. Een leven in overvloed. Leer me om te leven, te midden van zovelen. Te midden van een wereld dat U net zo hard nodig heeft als ikzelf. Sta op en schitter....


donderdag 1 december 2016

Sprakeloosheid doorbroken, angst overwonnen.

Het is een lange tijd geleden. Ik loop met mijn fotocamera langs sloten en rietpluimen.
Het gebied waar mijn voorouders ooit met blote handen het land ontgonnen, zodat wij er nu na honderden jaren kunnen wonen. Duitse pioniers die een kerk stichtten in Wildervank. Vrije Luthersen die zich de mond niet lieten snoeren. Zwanen die op stonden nadat de ganzen monddood waren gemaakt.
Zij waren vrije christenen, arbeiders.
Onderdrukt door hun veenbazen maar levend in Christus.
Ze stichtten een kerk. “Het geknakte riet verbreekt Hij niet”


Het duurde generaties, waarbij de duivel op den duur vrij spel had. Afvalligen.
Ik mijmer wat, ik overdenk de informatie van de geschiedenis. Atheïsten, socialisten. Onderdrukten, maar hard van tong. Ze kwamen op voor zichzelf, lieten zich de wet niet voorschrijven. Zeker niet door de kerkmensen die hoog van de toren bliezen. De wet naleefden. Door de week als boeren van stand, op zondag als leden van de kerkenraad. De onderdrukking ten top. Het had niets met de liefde van God te maken maar met de positie van de mens. De arbeider had maar te slikken. En God zelf?

Mijn gedachten gaan terug naar de afgelopen seminar van Verzoend leven Veenkoloniën. Na jaren van bidden en hart voor ons gebied, kregen we groen licht van God. “Breng de verkregen informatie in de praktijk” Nadat velen van ons er diep doorheen gingen. We deden in de loop van de jaren afstand van generatie overdrachten en moeites uit ons bestaan. We ontvingen genezing, bevrijding. We leerden met elkaar omgaan en werden 1 met elkaar. 1 in Christus. Er was geen rang of stand. Er was eenheid. 

Ik zit voorin de kerk. Alleen. Klaar voor mijn taken. Klaar voor hand- en spandiensten. Ben het me niet eens bewust. Ik zit alleen. De gehele dag. Alleen. Maar vol van de Geest. 1 iemand van het team gaat ook voorin de rij zitten maar er is een stoel tussen ons in. We hebben amper contact. Dat onze harten verbinding hebben is genoeg. Meer dan genoeg. Alles zeggende liefde en vervulling.
De seminar begint. Het programma verloopt.
We komen op het punt van vergeving. Ik hoor de stoelen klappen.
Een voor een….. Vele mensen komen naar voren. Schrijven een schuldbrief, plakken het op het kruis. God geneest, bevrijdt.
We hoeven niets te doen. God doet het. Hij komt zijn beloftes na. Van al die jaren bidden. Het dal van dorre doodsbeenderen komt tot leven.

Ik denk aan dat moment. Een paar weken terug tijdens een conferentie. Mission possible. Ik lig op de grond te bidden. Mijn binnenste brandt….Huilt. Ik ben zoooo verdrietig. Schreeuw het uit. Huil voor mijn volk. “Heer het is uw volk! Mijn volk…..” “Kom met Uw heling, genezing. Kom met Uw licht in dit duistere gebied” God sprak….”Het is volbracht” Zijn shalom overmant me.
Nu zit ik zit op mijn stoel, voorin in de kerk…..Alleen. Hoef niets te doen. Mensen komen, mensen gaan. Allen plakken ze een briefje op het kruis. Ze schenken vergeving. God gaat zijn weg met mijn volk…. Zijn volk.

Ik loop door het gebied van mijn voorouders. Zij, die ooit als Luthersen het land ontgonnen. Boven mij hoor ik gakkende ganzen. Overtrekkende vogels. Maar dan…een ander geluid. De zwaan. Het geluid raakt me in mijn ziel, mijn Geest. Het symbool van de Luthersen. Ze doen hun mond open. Daar waar de ganzen het zwijgen werd opgelegd. Mijn camera heeft 1 kans. Ik richt mijn lens omhoog en dan….  Heb ik een hemels shot. Vrije zwanen.

Zij die alles zeggen. Ze deden hun mond wel open. Vertelden van hun voorouders. Vertelden van hun vrijheid. Zoals het team en ik dat deden…..De sprakeloosheid doorbroken en elke angst overwonnen.

dinsdag 15 november 2016

The voice of the voiceless

In de eenzaamheid van je bestaan,
Zie ik je strijden om gezien te worden.
De diepte van je gedachten, van je gevoelens,
Zijn onzichtbaar voor velen.
Alleen diegene die je kent, weet je ware ik.

De muur van zelfbescherming,
Daar, waar een ieder al moeite mee heeft,
Is voor jou een extra hoge muur.
Wie kan jou ooit leren om het neer te halen?
De barsten van je bestaan zijn bepalend.

Jouw kwetsbaarheid raakt me,
Je altijd lachende gezicht komt dicht bij de mijne.
Jouw gevoeligheid, je muren van zelfbescherming,
Zijn op veel vlak identiek…..aan datgene dat ik ooit had.
Met 1 verschil….Ik kreeg de sleutels en de mogelijkheden om er iets aan te doen. Ik ben vrij....Jij niet.

We geven een  seminar…. Over afwijzing en je muren laten vallen.
Het zal voor jou nooit een optie kunnen zijn.
Helaas ….het brein zal niet kunnen vatten hoe je kunt handelen.
Je kunt simpelweg de stappen niet zetten om je tot God te richten.
De link in je hoofd reikt niet ver genoeg om vergeving te vragen of om te schenken.
Om de lijnen en de consequenties te snappen.

Mijn gedachten en gevoelens gaan naar je uit.
Naar de anderen die het simpelweg ook niet kunnen.
“The voice of the voiceless”
Mijn hart schreeuwt….. Doe voorbede voor jou. Praat daar waar jij het niet kan.
Neem de schuld op mij en vraag Jezus om genadig te zijn.

Ik zie een man, waarbij duisternis de boventoon voerde
Het pad kwijt, het licht onbereikbaar.
Je ogen stralen, je licht breekt toch weer door.
Je leeft! Je straalt. Bent oprecht blij me te zien maar je schaamt je voor je gedrag.
Je excuseert je voor je vluchtgedrag, je manipulatie. Hoe je me te woord stond.
Ik heb je al lang vergeven. Sluit je in mijn hart.

Mijn hart huilt…… Huilt om de voiceless people.
Zij, die door de zondeval, de dupe zijn van het kwaad.
De dupe van hun beperking, de overheersing van het kwaad.
Zij, die geen stem hebben en hun lijden moeten ondergaan.
Soms zelfs verschrikkelijk misbruikt zijn.
Geen methodes, gebeden en genezing kennen om zelf stappen te zetten.

Heer ontferm U.
Wees genadig opdat ze Uw goedheid kennen.
Behoed ze voor het kwaad.
Help ze, om beschermd te kunnen leven.
Help ze, om zich geliefd te voelen.
Zou iets voor U onmogelijk zijn?
Ik geloof en wacht op de dag…..
Dat mijn Heer bij wie niets onmogelijk is, 
een verstandelijk beperkte of psychiatrisch patient geneest.

Al is het alleen maar …….voor gerechtigheid in uw Koninkrijk.


maandag 27 juni 2016

Uit de wereld

Onder welke steen heb ik gelegen?

Ik vraag het me deze week werkelijk al een paar keer af. "Hoe kon ik dit vergeten?" 
Een pijnlijke, kwetsbare gewaarwording. En toch zo vertrouwd. Puur omdat dit de wereld is waarin we leven. Of eerlijk gezegd....waar ik 2 jaar ampet in geleefd heb. Omdat ik in de luwte was maar ook in een schuilplaats. De schuilplaats van mijn geloof, in de bescherming ver van vele gebeurtenissen en mensen. Ver van ongepast gedrag regels, wetten. Ver van gekonkel en ruzie. Machtsvertoon en achterbaksheid. 

De ware vriendschappen, de echte en eerlijke bleven. De intensiteit van gebed, vreugde, vrede en liefde nam toe. Ja....er was veel onrecht en veel lichamelijke pijn vanuit mijn medisch verleden. Beetje bij beetje kwam alles het afgelopen jaar aan het licht. Heel pijnlijk. Toch maakt waarheid vrij. De kleine kring met vrienden die intens mee leefden was goed, liefdevol en eerlijk. Het hielp enorm in het hele proces.

Beschermend en liefdevol. 

Bijna 2 jaar ben ik uit de running geweest. Dat wil zeggen. Weinig onder de mensen. Niet actief in het werkproces. Geen hobby's met sociale contacten. Veel alleen, heel veel alleen. Er was een kleine vertrouwde groep mensen dat met ons gezin mee leefde. De diepte van de medische fouten en veelheid van informatie en behandelingen begreep, en inspeelde op onze behoeftes. 
Het was veilig, vertrouwd en goed. Ja, we werden opgeslokt door onzekerheid en informatie. 
Toch was de hoop en de intensiteit van vreugde, vrede en liefde, zo groot... Waardevol. Beschermend. We hoefden niets, het liep zoals het liep. We leefden werkelijk bij de dag. Ons geloof was groot, we hadden hoop. Het was geen gekunstelde religie, het was een intense vrede en vertrouwen dat vanuit ons hart kwam. Elke dag, precies genoeg om de volgende dag weer verder te kunnen, dwars door de strijd.

Kwetsbaarheid of gewenning?

De afgelopen maanden waren een feest. De eerste weken leefde ik op een wolk. Genieten van alle dingen die ik zolang niet gekund heb. Zitten op een stoel. De eerste keer op de fiets naar de kapper. Wel 400 meter gefietst. Huilend van vreugde in huis komen. Zo blij! Zelf weer eten kunnen koken en ten volste mee kunnen eten. Tjonge wat smaakt het goed. Normaal naar de wc kunnen. Steeds minder pijn ervaren. Zwemmen!  Werkelijk elke dag bedenk ik me nog onvoorstelbaar dankbaar ik hiervoor ben. Stromen van vreugde komen van binnen als ik eraan denk, dat het ECHT weer kan. En dan komt het moment, dat de conditie vooruit gaat. Mijn activiteiten worden uitgebouwd. Ik word weer lid van mijn oude gospelkoor. Zing. Ooh wat heerlijk om weer tussen de mensen te zijn en te doen wat je leuk vindt! Het wonder van een baan. Dan rij ik in de bus van de dagbesteding naar de woonvorm terug in diepe dankbaarheid. Moet om mezelf lachen... "Zie mij hier nu eens rijden dan! Wat een vrijheid en een zegen"

En dan...komt er geen einde aan mijn dankbaarheid maar komt er ineens een smet op de dag. Niet op 1 dag maar op meerdere. Daar waar je weer volop in de wereld mee draait, daar krijg je per direct ook weer te maken met schijnbaar "de normale zaken", van de dag. Ineens word ik ook weer zoveel geconfronteerd met onrecht, leugens, de hardheid van de maatschappij. Gewone dagelijkse zaken. Ze bestaan al zolang de mensheid er is. Het is alleen zo confronterend dat ik me het volgende af te vraag: 

"Heb ik dan werkelijk onder een steen geleefd de afgelopen 2 jaar?"


En dan komt er ineens een moment. We hebben een generale repetitie met ons koor. Weken heb ik hetzelfde lied gezongen en heb er weinig bij gevoeld. Na de zoveelste hardheid deze afgelopen week, komt het lied Abide with me. Oftewel in het Nederlands : Blijf bij mij Heer. Ik denk aan mijn lieve omaatje die 4 mei stierf. Het lied dat ze vroeg bij de uitvaart. 

Ik zie nu de beelden van het afgelopen jaar voorbij komen tijdens het zingen. Op de klanken van het koor. De intense maar zeer goede momenten na de zoveelste tegenslag in het ziekenhuis. De hart tot hart momenten. Van diepe vriendschappen die niet los lieten, van de verzorging voor mijzelf, ver voor tot na mijn operatie... Van de verzorging dat ikzelf aan mijn oma mocht geven in haar eindfase. De handen die niet los lieten, het zwijgen wat niet stil was. Het lachen wat niet ongepast was, het huilen wat gewoon heel hard mocht zijn. Het gekend zijn en gekend worden. Liefde dat onbreekbaar was.... Abide with me.... Hij was erbij. Zo intens. Zo puur.

Ik moet wennen aan een nieuwe wereld. Ik moet wennen aan de hoeveelheid mensen om me heen. Op straat, in de de winkel, op mijn werk, in de kerk, op koor. Ik moet wennen aan een wereld dat ineens heel groot is geworden. Een wereld dat ook ineens weer zoveel wreedheid laat zien. Ik moet wennen om hier weer mee om te gaan.  Met weemoed denk ik terug aan mijn steen. Laat mij nog maar even onder mijn grote steen. Ver van de druk van de wereld, gewoon in de stilte van het alleen zijn. Het is teveel en te overweldigend. Abide with me. Hij was erbij, Hij is erbij. Ik verlang naar echtheid, puurheid en waarheid en beken....Ik moet werkelijk wennen om weer in de maatschappij te functioneren.










maandag 4 april 2016

Overtijd....

"Ik ben overtied"
Mijn oma begint ineens te praten nadat het stil was. 
Ze zit in de stoel. Ze woont inmiddels in een hospice. Het is maanden geleden dat ik haar heb zien zitten. Ze ligt namelijk steeds in bed. Een magere, dunne vrouw van 85. Ineens is ze zo oud geworden. Slechts in een paar maanden tijd. De tumoren doen een verwoestend werk.
"Das ja ook wat oma" grap ik terug. "Op jouw leeftijd nog overtijd" 
Ik doel op een verlaatte zwangerschap. Oma lacht. Toch weten we beide wat ze bedoelt. We hadden al eerder intensief afscheid genomen. Dagen werden weken en inmiddels zit haar maximale tijd erop. De doktoren dachten dat ze nog hooguit 2 maanden te leven had.  Oma is overtijd...Ze laat me al het overtollige zachte rimpelvel onder haar armen zien. We schieten beide in de lach. Het is een komisch gezicht. Mijn mollige, oma. Wat is er van je over?

We hebben een moment met elkaar. Van hart tot hart. Haar vochtige ogen kijken me aan. 
Ze is ineens weer die lieve oma van mijn kindertijd. Ik was altijd bij haar. 
"Wij hebt altied goed met 'n beide kunn'n vind'n , kind" "Ja, oma, wij hebt nooit roezie had" Een dankbare blik komt me tegemoet.



Dan praat ze weer over haar kindertijd. Over de oorlog. Boerderijen van NSB-ers werden in de fik gestoken. Vlammen sloegen over naar andere rietdaken van monumentale Drentse boerderijen. Ze vertelt over de angst. Over de afwijzing als kind van een NSB-er. Verzwegen verhalen, halen haar in, op haar sterfbed. Verhalen waar de honden geen brood van lusten. Ze was nog maar een kind. Gepakt op de keuze van haar ouders.

We praten over de hardheid van het leven. Ervaar de diepe sporen van de oorlog wat maakte dat het leven liep zoals het liep. Diepe littekens tot in het 4e geslacht.
Beginnende dementie maakte het er niet makkelijker op. Er was zoveel boosheid en ruzie. De laatste jaren was oma, mijn oma niet meer.

En nu zitten we amper een halve meter van elkaar. Ik heb haar hand vast. Ze praat en praat. 
Het klagen is voorbij. Diep respect wordt uitgesproken over de mensen van wie ze houdt.
Ik strijk door haar dunne, witte haar. Dankbare ogen kijken me aan. Ik geef haar een kus en stap vervolgens in de auto. De gehele terugweg rollen de tranen over mijn wangen. De dementie lijkt even naar de achtergrond verdwenen, de haat en bitterheid van de laatste jaren is weg. Ik heb de oma van mijn kindertijd terug. Waar ik elke zondag  was. Mijn veilige haven. Een waardevol geschenk.

"Oma is over de datum" Grapte een achterkleinkind. Ja, mijn oma leeft in bonus tijd. Bonus tijd waarin alles toch nog goed kwam. Elk moment samen is een geschenk. Om te koesteren.

donderdag 17 maart 2016

De etiquette van de Speedo boys en de bejaardensoos


Nadat de bekkenbodemtherapeut, 7 weken na mijn operatie mijn stuitje recht zette,
Verdween in 1 klap de alles beheersende en werkelijk gek makende zenuwpijn. Een groot wonder op zich. Waar de artsen in het UMC een week ervoor nog over uitzichtloosheid spraken, bracht de therapeut in 1 vingerknip verandering in…. De zenuwpijn was weg…. Als sneeuw voor de zon.
Op een moment dat niemand had zien aankomen.
Mijn revalidatietraject zou starten over een paar weken, zo niet maanden. Dit duurde me ineens veel te lang.     
Ik belde de pijnpoli en de neuroloog af… Dat hoefde immers niet meer. De restschade na de operatie zou mijn therapeut verder behandelen. Het opbouwen van spierkracht en conditie daar wilde ik zelf mee aan de slag. En zo geschiede het.

Baywatch zwempak of netjes bedekt?


Op een maandagmorgen, toen de kinderen naar school gingen, moest het er van komen.
Onderin de la vond ik mijn zwempak. Ooit eens gekocht in 2011 voor het Tikibad, om fatsoenlijk en netjes, toch heel snel van de glijbanen af te kunnen gaan. Een zwempak dat er ook nog enigszins leuk uit ziet. Voor zover dat mogelijk is met een zwempak natuurlijk….. Een zwempak dat ook nog om je lijf zit als je boven komt. Een pak waarbij het uitgelubberde buikvel, vol met zebrastrepen na mijn zwangerschappen, toch nog iets wordt weg gewerkt.
Niet met van die sexy, volmaakte Pamela Anderson borsten, of een platgeslagen voorkant als een man. Nee…..netjes en hier durfde ik me wel in te vertonen.

Eenmaal in het zwembad, viel het me gelijk op dat het gemiddelde van alle leeftijden zo ergens tussen de 70 en 85 was. Het witte haren gehalte was erg groot. Gelukkig heb ik blond haar, dus dat zou minder opvallen, bovendien is het een schutkleur.... Om dan maar ’s avonds te gaan zwemmen was geen optie. Niet met mijn belabberde conditie, tussen de Speedo boys en zwemclub vrouwen. Opgetogen begon ik aan mijn eerste baantjes. Voorzichtig en gedoseerd. Aangezien ik 14 maanden amper bewogen heb, werd me al snel duidelijk dat dit een lange termijn verhouding met het zwembad zou worden. Ik kreeg spierpijn op plekken waarvan ik het bestaan niet van wist. Toch veranderde mijn conditie al snel. Moest ik de eerste weken nog een uur liggen nadat ik thuis kwam, daar kwam nu conditie en energie voor terug. De therapeut ondertussen “ontknoopt” mijn gehele lijf van alle spierknopen en pijntjes. En ik? Ik rol me suf met een tennisbal tegen de muur om weer soepeltjes te worden.



Baan 1 de doorzwembaan?


In de beginfase had ik zo af en toe een flashback naar vroeger. Toen ik wel eens met mijn oma samen ging zwemmen. Keuvelende dames, allemaal bij elkaar zwemmend en stilstaand. Pratend en lachend de laatste nieuwtjes door nemend. Na 2 weken, vond ik de dames al iets minder leuk… Deze groep nam zoveel banen in beslag, dat ik er met een boog steeds omheen moest zwemmen. En zo belandde ik in baan 1. Op het oog een snellere baan met doorzwemmers. Ik kon mij herinneren van vroeger, dat baan 1 de doorzwembaan was. Nou…..niets was minder waar.  Het ligt er maar net aan wanneer je er bent.
Omdat ik het vervelend vind om er iets van te zeggen, zwem ik er maar omheen. Uiteindelijk is niemand in het zwembad de baas toch? En ja….deze mensen komen hier al 30 jaar. Een beetje respect vind ik wel op zijn plaats.

Na een aantal weken, had ik uitgekiend op welke dag, op welk tijdstip ik fatsoenlijk door kon zwemmen. Geen volmaakt plan maar toch beter dan ervoor. Inmiddels waren mijn ogen na zo’n 5 minuten al knalrood van de chloor. Een pijnlijk gebeuren dat de gehele ochtend bleef. 
Ook als ik al lang thuis was. Dit moest veranderen.
Ik vind het namelijk heerlijk om af en toe onder water te zwemmen. Mijn lijf wordt vrijer en vrijer en ik blijer en blijer. Uitgebroken uit mijn lichamelijke gevangenis van meer dan een jaar. De schoolslag werd sneller en sneller. Boven en onder water. Omdat mijn ogen nu zoveel pijn deden, moest ik wel een bril aanschaffen. Dat schoof ik overigens steeds voor me uit, omdat ik mij niet met de snelle Speedo boys wilde vergelijken. Eenmaal die bril op, ging er een wereld voor me open. Nu kon ik echt aan mijn conditie werken. En zo kwam het ervan dat mijn bejaardentempo al snel veranderde in een krachtig doorzwemmen.

Uit hijgend aan de kant zwemt er een oude mevrouw voor me langs om eruit te gaan. Ze kijkt op zij en vraagt: “Zit jij op de zwemclub?” Vanbinnen proest ik het uit van het lachen en denk….. “U moest eens weten…. “Nee, hoor…. Daar heb ik nog nooit op gezeten” stamel ik zachtjes terug. 
Stiekem ben ik toch wel een beetje trots. Dankbaar dat ik patiënt af ben. Het zwemmen werpt zijn vruchten af. Schijnbaar ook zichtbaar voor de omgeving.

In een zwempak als Inge de Bruin


In onze, enigszins doorzwem baan, kwam ik in contact met een ouder echtpaar dat al jaren zwemt. Het is een leuk contact. “Hallo, ben je er ook weer!” “ooh wat is het druk”  maar ook: “Ik had je gemist vorige week. “Ja, de kinderen hadden vakantie. Ik was er al om 8 uur” Deze  mensen weten dat ik geopereerd ben. Op een dag zegt mevrouw dan ook: “Het gaat erg goed met je zeg. We kunnen je tempo niet meer bijhouden” We lachen wat en maken grapjes.

Ondertussen is mijn met zorg uitgekozen, perfecte zwempak, uitgelubberd tot maatje meelzak. Ik ontkom er niet meer aan om een nieuwe te kopen. Ik besluit na lang wikken en wegen…..dat ik mijn schoonheidsideaal maar aan de kant moet schuiven en mij een goed en degelijk sportzwempak aan moet schaffen. Eentje die er voor gemaakt is om 3 keer in de week in een chloorbad gedoopt te worden en gestroomlined is om optimaal te kunnen bewegen in het water. Ik zet de knop om in mijn hoofd, van fobie voor platte tieten en koop uiteindelijk na lang zoeken een mooi zwempak van het merk Arena. Naast Speedo, toonaangevend in de zwemsport. Een zeer sportief zwempak. Zo eentje met een kruis op je rug om de boel bijeen te houden.



Ik kleed mij om en bekijk mezelf van top tot teen. Ik zie er warempel uit als een professioneel zwemster. Mijn schouders lijken zelfs breed en ik zie dat mijn kipfiletjes onder mijn armen verdwenen zijn na al die weken zwemmen. Ik voel me goed en loop naar baan 1 en zet mijn bril op.
Voor mij, zie ik een wonder gebeuren…… een groep van wel 5 zwemmers, schuift spontaan op. Mijn baan is volledig vrij! Ik duik het water in en begin te zwemmen. Er bekruipt me een gevoel van overwinning!! “Dus dit is het? Mijn nieuwe sportzwempak en Speedo bril!!” Blij als een klein kind zwem ik zo vrij als een vis in een hoog tempo boven en onder water talloze baantjes. Vrijheid en blijheid. Doorzwemmen in mijn eigen baan. Ik begin er zowaar in te geloven dat mijn flitsende outfit bijdraagt aan eindelijk maar toch mijn eigen doorzwembaan zonder obstakels.

En dan….zomaar uit het niets. Terwijl ik boven kom en naar lucht hap om weer naar beneden te verdwijnen voor de volgende slag, doemt voor mij…… een gedaante van een nijlpaard op.
Ik hou snel mijn slag in en zie……dat de 3 dames pontificaal in baan 1 en 2 zijn gaan zwemmen. Met geen mogelijkheid kom ik er aan voorbij….. De illusie van voorrang in het zwembad door mijn nieuwe outfit, zakt als een baksteen naar de bodem. En dan weet ik het….. Ik doe er de volgende keer een snelle badmuts bij op. Met een zwaailamp. En nu ben ik!

Erger u niet……Verwondert u slechts.



dinsdag 23 februari 2016

Het leven heeft het laatste woord

Op 20 december kwam hij langs. Ik schreef er dit blogje over.
Een ontmoeting die veel met me gedaan heeft. Van hart tot hart.
2 dagen erna stond hij weer op de stoep. Deze keer had hij iets in zijn hand.
"Ik ben iets vergeten" zei hij lachend. In zijn hand had hij een enorme bloembol.

"Ik vond het al zo raar dat ik steeds iets hoorde rollen...." En uiteindelijk had hij gemerkt dat in de auto een enorme Amaryllis bol heen en weer bonste bij elke bocht die hij nam.
We maakten grapjes en ik beloofde plechtig de bol te zullen poten.
Met kerst zou de bol wel niet gaan bloeien maar een kans zou hij zeker krijgen!
Stilletjes vroeg ik me als ex-bloemist af of deze bol het daadwerkelijk ging redden.
Het zat namelijk vol met deuken en scheurtjes.... Grappig was het wel.
Respect en nieuwschierigheid maakte dat ik de bol in de vensterbank pootte.
Zeer benieuwd naar het eindresultaat.

Er gingen weken voorbij.... Er gebeurde niets. Helemaal niets. En kerst was allang voorbij.
Tot deze week. Inmiddels ver in februari.
Een beetje anders, een beetje laat en zonder blad, kwam in een idioot hoog tempo de stengel uit de bol groeien. In 2 dagen tijd tot wel 40 cm hoog.

Ik kreeg vandaag een tragisch bericht. Dat was even schrikken......
De brenger van de bol is gisteren overleden.
Totaal onverwachts. Wie had dat nu gedacht?
Ik loop in gedachten verzonken de woonkamer in.

Uit de stengel van de gedeukte en beschadigde Amaryllis bol .....is gisteren een prachtige open bloem gekomen.

Het leven heeft het laatste woord.




woensdag 13 januari 2016

Klagen en morren


Van oud naar nieuw.


Zo is dan wie in Christus is een nieuwe  Schepping ; Het oude is voorbij gegaan, zie, het nieuwe is gekomen.  2 Kor.5:17

Er gebeurde zoveel de laatste weken. Allereerst mijn operatie. Oprecht een onzekere tijd en dat is het nog steeds.

Hoe is het gegaan en hoe ziet de toekomst eruit? Nobody knows. De eerste 3 weken waren wel te doen. Dan ben je nog zo verzwakt en geef je je wel over aan rust. Meer kun je ook simpelweg niet. Na die drie weken liep ik wat meer heen en weer, zat wat meer recht op de stoel. Om er vervolgens keihard achter te komen dat veel pijn zo heftig aanwezig is. In mijn onderrug. Nog steeds uitstralend naar mijn been. Uitval, tintelingen en ga zo maar door. Mezelf dwingend om in beweging te zijn. Ik moest immers weer conditie kweken. Tot het moment dat ik bij een bossingel stond en me werkelijk af vroeg hoe ik weer thuis zou komen. Ik kon niet meer…

Ondertussen regende het medische dossiers. Opgevraagd om een eigen dossier aan te leggen voor de voortgang bij het UWV. Bij het openen van 1 van de stapels papier kwam zoveel informatie naar voren wat werkelijk schokkend was. Het plaatsen van het matje had voorkomen kunnen worden in 2008. Adviezen van een arts met verstand van bindweefselproblemen werden in de wind geslagen. Met als gevolg hiervan dat ik in 2009 wederom een operatie kreeg.
En nu anno 2016 nog steeds met de gevolgen zit.

Ik was zo intens boos en verdrietig. ’s Avonds werd ik tot overmaat van ramp ook nog gebeld. Ik had 1,5 jaar geleden een open sollicitatie geschreven. Naar een droombaan in de gehandicaptenzorg.
Al tijdens mijn opleiding wilde ik deze vorm van zorg zo graag gaan doen als ik mijn diploma had.  Kleinschalig, christelijk en warme zorg. Maximaal 6 bewoners om me heen. Deze avond werd ik gebeld.
Er was een plek beschikbaar en ik werd uitgenodigd voor een gesprek. Ik was zelf degene die nee moest zeggen in verband met de onzekere toekomst. Smeet de telefoon door de keuken en barstte in tranen uit.
Wat een kloten leven, wat een shit zooi. Zo boos, zo verdrietig.

Ondertussen maakte ik de eindbalans op van mijn bedrijfje over 2016. Zoveel plannen, zoveel ideeën, nu met mijn lichamelijke conditie dat nog weer achteruit was gegaan, leverde me dat zoveel stress op. De wil is zo groot, de praktijk is echter dat het gewoon niet gaat momenteel. Als je de voors-en tegens afweegt dan is er nog maar 1 optie mogelijk. (tijdelijk) stoppen in deze vorm. Mijn hobby terug pakken, zonder druk. Of misschien anders gezegd: Zonder dat ik mezelf van alles opleg of laat opleggen. Oftewel. Terug naar waar het begon. Focus on the little things in life and be simply happy.

Een proces van een paar weken tijd. Ik was boos, verdrietig, geërgerd. Psychologisch een hele normale fase na zoveel verlies en heftigheid. Hoe ga je ermee om? Hoelang mag dat dan duren?

Steeds achtervolgde me een tekst uit de bijbel. Van de verloren zoon.  Lucas 15: 11-32 De ene zoon trok de wijde wereld in, zette de bloemetjes flink buiten en kwam berooid terug bij de Vader. Hij stond met open armen deze zoon op te wachten en omsloot hem met alle liefde die hij nodig had. Ik begreep niet goed wat dit verhaal nu te maken had met mijn situatie. Tot ik ineens in de gaten kreeg dat het nu niet over die ene zoon ging die weg was gegaan, de wereld in. Nee…..Deze keer ging het over de andere zoon. Hij werkte knetter hard en leefde dichtbij zijn vader. Toen zijn broer terug kwam, irriteerde hij zich mateloos. Ik zie het echt voor me als: “Belachelijk, hij maakt er een zootje van en krijgt nog een feest toe ook. Terwijl ik me te pletter werk” Klagen en morren. Zeuren en piepen terwijl hij niet eens inzag dat zijn vader hem alles al had gegeven.

Het was een mega les... Op de gekste momenten op de dag en op de bijzonderste plekken in de bijbel las en hoorde ik verhalen. STOP met klagen! Je hebt je erfenis al lang ontvangen. Je hebt de sleutels allang in handen. Je weet notabene hoe hij je verdriet omkeerde in vreugde. Je weet hoe de Shalom die alle verstand te boven gaat, je onrust weg neemt.  Rejoice in the Lord ALWAYS. Je hebt de sleutels in handen die binden en ontbinden op geestelijk vlak. Je hebt de autoriteit allang ontvangen. Hij die in mij is, is sterker dan hij die in de wereld is. Zou iets onmogelijk zijn voor hem die gelooft in Jezus Christus. In hem zijn wij meer dan Overwinnaars. Enz enz.

Het verandert de situatie niet. Wel, hoe ik ermee om ga…..

En zo gebeurde het. Ik stopte met klagen. Beleed mijn onmacht en ongeloof. Zag in dat ik die oudste, klagende zeurende en morrende broer was geworden. Ik gaf het terug aan Jezus zelf. Zag de valkuil in van wat is mijn identiteit? Wie je bent in wat je doet? Wie je bent in wat je hebt? Of wie je bent in Christus? Getsie…..TOCH weer in die valkuil gvallen.

Prestatiedrang hing ik aan de wilgen, zegde mijn nummer van de Kamer van Koophandel op voor 2016. Een nieuw seizoen. Een nieuw begin.

Met lege handen, nog steeds een onzekere toekomst en veel pijn maar met een vernieuwd vervuld hart van rust.

“Focus on the little things in life and be simply happy”


Niet wat jij doet……Maar wat Hij doet door jou heen. Dat maakt het verschil.

In elke situatie.






zondag 20 december 2015

Zomaar bezoek.

Hij zit amper een meter bij mij vandaan.
Ik lig op de bank. Hij is op een kruk dichtbij geschoven. Ziekenbezoek.
Eerst voel ik me wat ongemakkelijk. Als hij aangeeft, niet goed te kunnen horen, begrijp ik waarom hij zo dichtbij zit.

Hij is 83. Nog kwiek ter been. Neemt de moeite om langs te komen.
Om een bloemetje te brengen. Dit bezoek is niet zomaar een vluchtig bezoekje.
Niet een standaard bezoek. Ik merk aan zijn vraagstelling dat hij oprecht geinteresseerd is.

Na zoveel maanden en nu dagen na de operatie vroeg ik mij af, of het leven nog meer te bieden heeft dan praatjes over ziek zijn en toekomst perspectief.
Het wereldje is ineens zo onvoorstelbaar klein geworden.
De balken van het plafond zijn nu wel geteld.
Mijn haakwerkje groeit. Ik ken inmiddels de programmering van de tv uit mijn hoofd.
De postbode brengt af en toe een prachtige kaart.
De telefoon brengt me in contact met mensen die vragen hoe het gaat. Heel liefdevol.

Het brengt me terug in herinnering. Mijn beste vriend en fotomaatje. Terminaal ziek.
Een aantal jaren geleden werd hij in september ziek.
Heel tragisch overleed hij, net na de kerst.
In ons laatste telefoongesprek, had ik niet in de gaten dat hij snel kwam te overlijden.
Hij vroeg me nog: "Lientie, kom je alstjeblieft gauw een dagje?"
Hij was het zo zat om alleen maar ziek te zijn. "Ik wil alles van je horen, wil met je lachen.
Ik mis het gewone leven zo" Even niet ziek zijn.

En nu, anno 2015, zit er een oude man voor mij. We raken in een diep gesprek verzeild.
Van het ene onderwerp rollen we zo over naar het andere. Ondertussen wordt het buiten
donkerder en donkerder. De kerstboomverlichting is op den duur nog het enige licht in de kamer.
Ik ben niet in staat om het grote licht aan te doen.
Kom er simpelweg te laat achter dat we al een half uur in het bijna donker met elkaar praten.
Het gesprek gaat over de oorlog. Over kampen en generatieoverdracht.
Over vergeving of diepe bitterheid. Het doorleven of parkeren van emoties.
We filosoferen over geloofszaken. Religie of relatie? Wat is genezing van je hart en waarom
horen we er zo weinig over in onze omgeving? Hoe kom je er toe en wie is je daadwerkelijke Geneesheer?

Dan vraagt hij vrijmoedig of hij zal bidden. Ik ben onder de indruk en zeg diep bewogen: "Ja"
"Jij hebt het" zegt hij ineens...... "U ook" antwoord ik terug.
"De luister van de Heer rust op jou"
"En ik zag het vanaf dag 1 al aan uw ogen"

Onzichtbaar verbonden. We spreken dezelfde taal.
Hij houdt van Psalmen en gezangen, is opgegroeid in een gereformeerd gezin
Ik hou van Bethel music, ben opgegroeid in een atheistisch gezin.

Deze middag was ik niet ziek.
Deze middag had ik een ontmoeting.
Hij is 83,  ik ben 37