vrijdag 20 juli 2018

Terug naar de plek.....


We lopen door en kijken elkaar aan,
We moeten terug.
Wijken af van de route die we bedacht hebben.
Inmiddels zijn er een kilometer of 8 verstreken.

We pakken hetzelfde pad terug,
Staan mijmerend in het water te kijken.
Het veenzwarte heldere water  vertelt ons de uitkomst.
Alleen stromend water leeft.

Vergeet- me- nietjes bloeien op een plek waar het niet kan.
De blauwe bloemetjes vertellen hun naam ten diepste.
We kijken en  voelen het in onze Geest:
Vergeet mij niet…..

Vergane glorie, hoogverheven namen.
Op grafzerken en bordjes. Zouden doen vermoeden dat zij de helden zijn,
De helden van de Veenkoloniën.

We lopen verder en eten bij het oude gemeentehuis
Verfbladders vertellen de staat van nu,
De architectuur, de tijd van vroeger.
Voor status bedoeld, achteruit gedrongen tot de vergetelheid.

Is daar die stem die zacht doet spreken:
“Kom…..kom terug naar mijn gebied”
“Neem je positie in en spreek”
Het leven heeft het laatste woord.



woensdag 25 april 2018

Voor alles is een tijd....


87 jaar is ze en ze loopt naar me toe. “Kind, wat heb ik weer van je genoten! Wat ontzettend fijn om jou te zien!”. Zo onverwachts en dankbaar, dat ik haar weer ontmoet, schiet ik vol. “Ik zag u zitten, wat fantastisch dat u nog steeds in de dienst komt!” Het is inmiddels al 5 jaar geleden dat ik haar voor het laatst zag. Stiekem had ik niet verwacht haar ooit terug te zien wegens haar leeftijd.
Een oma, een oudere vrouw die altijd heel betrokken was bij ons gezin. We zaten altijd in haar buurt in onze voormalige Baptistengemeente. Een onzichtbare band, die weg was wegens ons vertrek maar er weer was, omdat we met ons gospelkoor moesten zingen in deze gemeente. We kwamen nooit bij elkaar thuis maar ontmoetten elkaar wel elke zondagochtend tijdens de dienst.


“Wat fijn, dat u naar mij toe komt” zeg ik enigszins verbouwereerd en emotioneel. “Ik zag u al zitten, toen we aan het zingen waren, wat een verrassing” Om eerlijk te zijn, ben ik gewend dat wij als jongeren naar de ouderen toe moeten om hen te groeten. Veelal wordt dat ook van ons verwacht. Nee, nu is het andersom. Een oma in Christus die naar de jeugd toe komt en haar dankbaarheid uitspreekt. Het ontroerd me en doet zeker iets met mijn eigenwaarde. Ik ben gezien.

Voor alles is een tijd, zegt Prediker. Zo ook voor ons als gezin. We gingen weg uit de Baptisten gemeente. Het was goed. Voor die tijd een juiste beslissing. In goede orde vertrokken, 2 jaar kerkloos geweest. Veel geleerd, veel los gelaten, uit het kerksysteem gekropen en op eigen benen leren lopen.
Om ons vervolgens alsnog weer aan te sluiten bij een andere plaatselijke kerk om weer in verbinding te zijn met andere christenen in onze omgeving. Niet om het type kerk, niet om het type dienst, niet om welke andere reden dan ook. Simpelweg om de reden dat we de indruk hadden dat God van ons vroeg: ”Wil je weer in verbinding zijn met mijn kinderen?” “Wil je uitdelen van de vrijheid in Christus dat ik je gegeven heb? En zo werden we lid van een Gereformeerde kerk.

Denkend aan deze lieve vrouw, brengt me bij de noodzaak van het kennen van alle generaties. Wat heb ik het nodig om met oudere mensen op te trekken. Wat heb ik het nodig om van hen te leren. Wat hebben zij een fundament gelegd in ons dorp. Ze hebben hun geloof behouden tot het einde. Hoe deden zij dat? De noodzaak van generaties is de kerk. Van baby tot bejaard. Ik zie het nog voor me, hoe deze vrouw met onze jongste dochter aan de praat was, toen ze amper 3 jaar oud was. De zegen  dat ze voor elkaar waren. Niet gemaakt of gekunsteld, gewoon zoals het was. Liefdevol.

Eenmaal thuis bepraatten we als gezin, hoe het geweest is. Deze zondagmorgen. Deze come back na een aantal jaren. Wie misten we, met wie hadden we een gesprek. We kwamen tot een conclusie. De diepe momenten die we gehad hebben, de juiste en goede vriendschappen. De parels, de wonderlijke momenten. Ook het enorme gemis…… Die middag stapten Edwin en ik in de auto. We kwamen spontaan bij een stel terecht, waar we veel, heel veel mee beleefd hebben. Vooral ook heel veel lol. Ook zij zijn geen lid meer van de gemeente. Een beetje spannend was het wel. Zouden ze er zijn? Konden ze het waarderen dat we kwamen? We hadden een middag om nooit te vergeten. Herinneringen ophalend en schaterend van het lachen. God laat niet los. Wij wel. God laat ook niet los, de vriendschappen die door hem zijn ontstaan. En wij? Wij koesteren de herinneringen en zien uit naar de toekomst. Herenigd met onze dierbaren. Met binnenkort een BBQ in het verschiet.



vrijdag 9 februari 2018

Afhankelijkheid

Afhankelijkheid.
Wat is het ? Wanneer ben je afhankelijk? Is afhankelijkheid goed? Omdat je het een tijdje niet alleen redt? Of moet je onafhankelijk zijn omdat we allemaal als individu geboren worden?
In het begin ben je als vanzelf in de afhankelijkheid van een moeder en een vader, een opvoeder of verzorger. Als baby kun je immers niet voor jezelf zorgen en ben je simpelweg  afhankelijk van je omgeving. Wanneer je eten en drinken krijgt, liefde en geborgenheid. Verrekte lastig ook als je die goede basis niet gehad hebt. Van wie zou je dan nog afhankelijk willen zijn omdat het toch niet veilig is? Kun je dat überhaupt? Of is er zoveel schade van binnen dat het vooralsnog onmogelijk lijkt?
"Wie het Koninkrijk van God niet als een kind ontvangt, zal er zekerr niet binnen gaan", spreekt God in Marcus 10: 13-16 Hij vraagt dus in principe van ons om afhankelijk te zijn van Hem. Als dat kind met een goede Vader die voor ons zorgt. Hij is stellig: Als je niet afhankelijk wordt als dat kind dan zul je Zijn Koninkrijk niet binnengaan. Daarmee ben je nog steeds zijn kind maar het Koninkrijk in zijn volheid zul je ontvangen als je buigt en wordt als dat kind. Afhankelijk. Dat is verrekte lastig als je lens gekleurd is door een vader of moeder die hun opvoedkundige taken niet geheel succesvol uitvoerden. Wat maakt een God dan wel betrouwbaar om afhankelijk van te worden? In je eentje weet je immers waar je aan toe bent.

10 jaar lang heb ik de liefde geobserveerd. 10 jaar lang heb ik met een open mond gekeken naar een wereld waarin ik niet was opgegroeid. Een wereld waarin men pretendeerde de ware liefde te kennen. Om zelf ingeprent te krijgen dat mensen die in de wereld leven, nog nooit echte liefde gekend hebben. Bij voorbaat voelde ik me al een slecht mens.
God is liefde en Jezus de weg, de waarheid en het leven.
Waarom voelde en zag ik het dan niet? Als elke christen die liefde van God zou hebben, dan kon ik dat toch aan een ieder merken? “Dat begrijp jij nog niet, je zult het begrijpen als je wat meer geleerd hebt” Hoe onbetrouwbaar is die God als zijn grondpersoneel ZEGT dat het vol van zijn liefde is maar bij mij zoveel boosheid naar boven haalt? Simpelweg omdat diegene voor mij hardop staat te liegen dat het gedrukt staat. “Ik zie het niet aan je, ik voel het niet bij je” Waarom spreek je er dan van?
Wees dan op zijn minst eerlijk en zeg dat je het ook allemaal niet weet. Traditie boven de waarheid. Aangeleerd gedrag. Daar wilde ik niet bij horen. Een doorsnee socialist was socialer en liefdevoller dan dit….

Die ene, raakte me. Die stond te koken in mijn keuken, toen ik aan lagerwal was geraakt doordat traumatische ervaringen naar de oppervlakte kwamen en ik simpelweg niet meer voor mezelf en de kinderen kon zorgen. Die ene die niets zei over de liefde van God, me niet wilde bekeren tot een geloof van een hokjes waar ik niet in paste. Die ene die uren naast me zat zonder te praten, omdat we de diepte van ellende samen niet begrepen. Die ene die me liet vloeken als ik boos was en me niet bekritiseerde. Ik had er immers alle recht toe, het leven niet leuk te vinden tot zover.
Die ene…..waarbij ik WEL de liefde van God voelde. Deze mensen hadden een persoonlijke relatie met een onzichtbare God. Deze mensen waren doordrenkt met een liefde die ik daarvoor nooit had ervaren. Het hielp me op de been. Het hielp me te voelen, te huilen, te leven. Onvoorwaardelijk aanvaard. Een Vaderliefde zoals God het bedoeld had. Van deze God wilde ik meer leren, meer ervaren en meer zien. Ik kwam in aanraking met onderwijs over dat Vaderhart. Waardevol. Mensen ontfermden zich over mij en het was goed. Het hielp me meer en meer te worden zoals ik bedoeld was. Ik ontving heling en genezing, bevrijding.  Langzaamaan gingen alle laagjes ervan af. Ik leerde God kennen als een liefdevolle Vader.

Doordat ik zo dicht bij hem leefde, hoorde ik zijn stem. Een stem die mij haarscherp vertelde afhankelijk van hem te zijn. Worden als een kind om in Zijn Koninkrijk te zijn. Zijn kind. Ondertussen waren er allemaal mensen om me heen die lief en goed bedoeld me mee namen en vroegen voor allerlei bijeenkomsten. Ik ging er altijd klakkeloos in mee. Als God er was, dan was het goed. En toch ook niet helemaal, steeds meer en meer voelde en ervoer ik dat. Afhankelijkheid van bijeenkomsten, afhankelijkheid van mensen. De sfeer was er altijd zo goed, de liefde waarneembaar. Ik zou er nooit meer weg willen. En toch begon het in mijn binnenste te onrustig te worden.
God sprak: ”Ik wil dat je van Mij afhankelijk bent en niet van mensen” Terug naar een gezonde relatie hoe met andere mensen om te gaan. Niet in afhankelijkheid maar in verbinding. Met eigen grenzen, eigen keuzes, een eigen leven. Opgebouwd in geloof en liefde. Het eigen gezin boven alles en vandaaruit uitdelend naar wat mogelijk is.

Om die ene te bereiken. Die ene die het zo nodig heeft dat er naar haar of hem wordt omgekeken. Die ene die God op het oog heeft, ook als het vloekt, tiert en schreeuwt. Die ene die erkent teveel gezopen te hebben, het zo moeilijk vindt om te stoppen met blowen, is vreemd gegaan. Die ene die zo graag wil dat het beter gaat, die ene die de ware God nodig heeft……die ene die je pas kunt bereiken als je op gelijkwaardig nivo bent, zonder enig oordeel. En dan nog een trapje afdaalt. Een lager trapje om te kunnen dienen, zodat die ander gelift wordt. Niets menselijks is mij vreemd. Geen zonde onbekend.

Het jaar dat ik zo ziek ben geweest heeft eraan bijgedragen los te komen van ALLES. Volledige afhankelijkheid van God. Volledige overgave in Zijn handen. Aan de grote IK BEN. Hij is in het moment van de ellende aanwezig. IK BEN. Daarmee hebben we niet de antwoorden op alle ellende van deze wereld. Daarmee weten we niet de antwoorden op ziekte en dood. Daarmee weet ik maar 1 ding. Geen put zo diep of Hij wil erin komen. De grote IK BEN. Jaweh Raffa: De grote geneesheer, Jehova Nissi: God is mijn banier. Hij heft de banier over mijn leven. De banier van overwinning op de duisternis, de banier van de belofte. De belofte dat Hij voor mij zorgt, in welke omstandigheid ook. En heb ik dan alle antwoorden op het leven? Nee, verre van dat. Ben ik dan ineens perfect? Nee, verre van dat. Ik ben wel eerlijk. Ik kan het niet alleen....... Soms maak ik er een zooitje van.

Onafhankelijk van de goedheid van mensen, afhankelijk van Hem. Met mijn gezin als basis.

Zoekt eerst het Koninkrijk van God en al het andere zal erbij gegeven worden.




dinsdag 31 oktober 2017

Een kwestie van leven of dood

We gaan een dagje naar de stad. Mijn dochters en ik. Het is herfstvakantie en gezien de planning kunnen we het beste op donderdag gaan. We zien ernaar uit. Eenmaal aan komend rijdend, zie ik een vrouw met 2 dochters staan bij de bushalte. Wij parkeren en lopen er naar toe. Ik probeer een kaartje te kopen bij de automaat maar het lukt niet. Hierdoor kom ik met de vrouw aan de praat die er al even stond. Uiteindelijk krijgen we het voor elkaar en stappen de bus in. Normaal rijdt de bus altijd in een keer door naar de Grote Markt, dus ik zit in alle rust te wachten tot we daar zijn. Tot ik de vrouw naar voren zie lopen naar de buschauffeur. Ze vraagt hem iets en ik hoor een paar woorden. Als ze terug loopt, schiet ik haar aan en vraag: ”moeten we er nu eerder uit?” Ze geeft aan dat deze bus een andere route heeft. De dienstregeling is veranderd. Met onze dochters, stappen we samen uit. En zo staan we ineens te wachten bij de halte om de hoek. Pal voor ons is de Jeruzalemkerk. Ik ben er nog nooit geweest maar door de naam, ben ik al jaren getriggerd. Wat is dit voor kerk? Ik waan me even terug in de tijd, maart afgelopen jaar. Ik was zelf in Jeruzalem. Wat een tijd. 

Dan loopt er iemand de deur uit bij de kerk. We horen dat ze zegt: “Er ligt hier iemand” Er komen wat oudere dames uit de kerk en kijken. Ze gaan ook weer naar binnen. Ik grap tegen de meiden:  “Welkom in de stad. Er ligt vast een dronken student” De vrouw met wie ik bij de P+R en in de bus contact had, loopt de straat over. Ik zeg nog tegen de meiden “Even uit BHV oogpunt: Hij ligt veilig en er zijn genoeg mensen. Ik blijf hier” Dan zie ik de vrouw, die later Anita blijkt te heten verschrikt omhoog kijken. Doordat ik haar gezicht zie, kan ik niet anders dan erheen lopen. Meteen vraag ik aan haar en de omstanders: “Kan ik iets voor jullie betekenen? Ik ben BHV-er” Tegelijkertijd pak ik mijn telefoon en wil 112 bellen. Het lukt me niet…. Alle mensen om me heen staan ook genageld aan de grond. Voor ons ligt een keurig nette man op de tegels. Levenloos. Hij ligt er raar bij. Zijn gezicht is helemaal blauw. Ik vraag of iemand anders 112 wil bellen en ga door mijn knieën naar de grond. Ik begin meteen met reanimeren. 30 keer. Een huivering gaat door me heen. Ik moet nu beademen. Een omstander hoor ik zeggen: ”Hier een zakdoekje, maak zijn mond schoon” Ik hoor het wel maar mijn knop gaat meteen om……Doorgaan tot de hulpdiensten er zijn. Ik pomp en beadem…. En weet zeker dat hij al dood is. Hij is koud en oud. Onderwijl ik bezig ben, hoor ik in mijn gedachten mijn BHV-trainer zeggen dat het in vele gevallen geen zin heeft. Zij heeft in 15 jaar ervaring op de ambulance maar 2 keer meegemaakt dat iemand bleef leven na reanimatie. Ik weet instinctief dat hij dood is…… Een onverklaarbare diepe Shalom valt op me neer. Mijn gedachten sterven weg en mijn innerlijke drive om door te gaan, krijgt nieuw leven. Ik voel ribben breken onder mijn handen en na een tijdje gebeurd het ondenkbare: Zijn ribbenkast gaat op en neer en hij begint te ademen. De blauwe kleur trekt langzaam weg en hij krijgt zijn normale kleur terug. Ik hoor mezelf “Hallelujah” roepen…. Dan stopt zijn ademhaling weer. Zijn hartslag zakt weg. Ik begin opnieuw met reanimeren en beademen. Dan hoor ik het verlossende geluid van de sirenes. We worden omsingeld door politie. Een politieman vraagt of hij het over zal nemen en ik knik. Na 1 sessie is de ambulance ter plaatse en ik doe verslag aan een broeder. Dan gaat het snel. Ze nemen het over en ik kijk toe alsof ik naar een tv serie zit te kijken. De hele mikmak wordt uitgevoerd. De AED doet zijn werk, hij wordt in zijn scheenbeen geboord. Een overweldigend schuldgevoel bekruipt me…. En ik zeg tegen de politieman die ook kort reanimeerde: “Ik heb zijn ribben gebroken” Hij knikt en beaamt dat hij het gevoeld heeft. Vervolgens stelt hij me gerust. We zien en horen dat de hartslag van deze man terug is. Hij wordt inmiddels beademd en ligt aan een infuus. Ze brengen hem de ambulance in. Hierna stapt de ambulance broeder nog weer uit en zegt  “Bedankt, voor je ingrijpen!” Ik voel me vooral klein en nietig… Als zij niet waren gekomen had hij niet meer geleefd. Dan zie ik ineens een krijtbord op de stoep staan. Met de woorden:”When nothing is going right in your life, go left” met een pijl naar de kerk toe. Deze man lag links van het bord op de grond….



De momenten erna zijn vreemd te noemen.  Mijn dochters en de meiden van die andere vrouw, staan nog bij de bushalte. Ik wenk ze en doe hen verslag. Dan worden we uitgenodigd door de koster om een kop koffie te komen drinken. Ik voel me vies. Mijn knieën zijn groen van de tegels. Ik voel en zie alles in sneltreinvaart langs komen. Ga mijn mond spoelen en gezicht wassen. Het liefst zou ik onder de douche gaan en begin spontaan te kokhalzen. “Wat is me overkomen?” Eenmaal terug in de kerk, nemen we de tijd. We praten alles na. Drinken koffie en wisselen adressen uit. Omstanders hadden deze man niet herkend maar nadat hij weer kleur kreeg, zagen ze wie het was. Een lid van hen gemeente. 75 jaar oud. Hij had mijn vader kunnen zijn. Die is slechts 4 jaar jonger.  
Mijn dochters en ik lopen de kerk uit richting het centrum. Wat doe je na zo’n gebeurtenis? Naar huis gaan heeft ook geen zin. Een grote film draait steeds langs maar ik moet mijn gedachten resetten. We blijven in de stad en gaan de winkels in. Om 14.00 uur word ik gebeld in de H&M. De koster doet verslag dat meneer nog steeds leeft. Ze houden hem in slaap maar de artsen zijn tevreden tot zover. Ik bel mijn man. Schrijf het van me af op Facebook. Reacties stromen binnen. Over een heldendaad en dat soort dingen. Pijn overvalt me… Dit is niet wie ik ben. Zo voel ik me niet. Ik hoef die complimenten absoluut niet. Ik voel me klein. Ik kan dan wel reanimeren maar ik beslis niet over leven en dood. Voel me zelfs schuldig om zijn ribben.

Die nacht word ik overspoeld met  gedachten. Niet over deze man maar aan al die mensen die het NIET gered hebben. Een reanimatie op mijn werk.  Andere overleden mensen die in mijn optiek te jong waren om te sterven. Een schuldgevoel overheerst. Ik hoor dierbaren praten over overleden familieleden of vrienden en voel me alleen maar heel verdrietig. Ik wist zeker dat deze man ook dood was….Hij was oud. Waarom leeft hij dan wel? Als ik weer in slaap ben, schrik ik wakker van een geluid naast me. Mijn eigen man maakt een snurk geluid, dat refereert aan wat erbij de reanimatie gebeurde. Ik sta stijfuit van de adrenaline. Een gedachte overspoeld me: “Hij gaat dood, hij gaat dood, ik moet hem reanimeren” Om vervolgens tot het besef te komen dat dit niet het geval is.
De dagen erna komen de herinneringen terug. Andere processen komen langs. Het afleggen van mijn eigen oma die gestorven is. De beleving die ik daarbij gehad heb. De afschuw van anderen maar de intensiteit van Shalom. Het was niet te delen. Ik heb me er erg eenzaam in gevoeld. Het onbegrip van de wereld, nu om me heen. Over een heldendaad….. Ik voelde me schuldig dat het wel gelukt was, terwijl er tegelijkertijd zoveel anderen waren die gestorven zijn. De wereld raast aan me voorbij. Ik moet werken. Afscheid nemen van mijn huidige werk. Er is zoveel gedonder daar. De problemen van de dag verdwijnen naar de achtergrond en ik leef op de automatische piloot.

Ondertussen houdt de koster me op de hoogte en app en bel ik af en toe met Anita. Ook zij is finaal van slag door alles. Vrijdag is meneer wel wakker maar herkent niemand. Zaterdag blijkt hij zijn geheugen terug te hebben en spreekt zijn dankbaarheid uit dat hij nog leeft. Vandaag kreeg ik een appje van de koster of ik mijn mailadres wil geven. De familie wil me graag op de hoogte houden. Zonder dat ik er zelf om gevraagd heb. Het doet me goed want het draagt tevens bij aan mijn eigen verwerking. Meneer heeft ineens een naam. Roel. Hij heeft vandaag een eindje gelopen. Zijn geheugen is weer helemaal terug. Naar verwachting krijgt hij nog wel een pacemaker maar hij komt er weer bovenop.

Eindelijk na 5 dagen word ik overspoeld. Ik huil liters tranen. God laat me zien waar Hij was in het geheel. Hij laat me al die momenten zien van overleden mensen in mijn eigen leven. De intensiteit van stervensbegeleiding bij een oud-cliënt. Henny van 79 die mijn hand steeds pakte, als ze even weer bij kennis was. Het zingen van liedjes voor haar.   De uren die ik met mijn oma heb doorgebracht. De stille gebeden en later gesprekken over het geloof, terwijl ze er niets van wilde weten. Vele laatste zullen de eersten zijn…. Het zorgdragen voor haar tijdens het afleggen.  Maar ook David, mijn buddy. Overleed binnen 3 maand aan kanker. Hij kwam vernieuwd tot geloof. David die me aanspoorde om mijn dromen na te volgen in de gehandicaptenzorg. De droom die het laatste jaar zo kapot was gemaakt bij mijn werkgever. De strijd en de noodzaak om zelf weg te moeten gaan in verband met mijn eigen gezondheid. De twijfels van mezelf of ik Gods plan voor mijn leven wel goed begrepen heb. “Voice of the voiceless” De leugens die verteld werden. De onderdrukking die er is. Het opkomen voor collega’s.  Het diepe leven en de diepe vreugde dat er altijd was, leek de laatste maanden weg te ebben. Ondanks de gebeden en ook zekerheden. De afgelopen dagen kwam leven en dood zo dichtbij elkaar. Maar dan ook in geestelijke zin. Ik moest mijn baan opzeggen, ik kon niet anders…… 

“Vanalles waar je over waakt, waak vooral over je hart, het is de bron van je leven” Spreuken 4:23

500 jaar reformatie. Luther deed een machtig werk. Ik ben zelf een nazaat van de stichters van het Lutherse kerkje in Wildervank. Een tegenbericht van het arbeidersvolk die in onderdrukking leefden als veenarbeiders. Ze deden ook hun mond open tegen hun overheersende veenbaas. Ze stichtten een kerk voor het monddode arbeidersvolk ten opzichte van de Nederlands hervormde en de gereformeerde kerk. (Een nieuw soort van mini reformatie na nog geen 200 jaar na Luther voor het arbeidersvolk in omgeving Veendam)  
2017 Ik zie mezelf ineens staan op mijn werk, in een onredelijk gesprek van valse beschuldiging door mijn baas. Ik had zijn wet niet nageleefd: “Als je wilt dat ik voor je op de knieën ga, dan heb je het mis” zijn mijn woorden. Morgen…..Morgen op 1 november begin ik te werken in een evangelisch christelijke zorginstelling. Een zorgboerderij. Waar het ooit mee begon. Mijn eerste droom waartoe mijn overleden buddy David me ooit had aangespoord. Met verstandelijk beperkten, ex-daklozen, langdurig zieken, verslaafden etc… Een plek waar ik tijdens de sollicitatie een getuigenis over mijn geloof moest vertellen. En dat deed ik. Recht uit het hart. Mijn beweegredenen om met deze doelgroep te willen werken. God transformeerde mijn hart. Het hart dat steeds meer en meer dood ging de afgelopen tijd.

Jezus zei tegen haar: "Ik ben de Opstanding en het leven. 
Wie in mij gelooft, zal leven, ookal was hij gestorven"  Joh.11:25

Zo ook Roel, die niet meer ademde voor de Jeruzalemkerk maar die de levende God redde. Ik mocht een schakeltje zijn. Wat een voorrecht. Hij leeft!




maandag 19 juni 2017

Vrienden


Het dorp


Als je in een klein dorp woont dan is dat heel gezellig. Je kent iedereen, groet iedereen, maakt praatjes met iedereen. De achterdeur staat altijd open en iedereen kan zo binnen lopen.
Je bent op de hoogte van elkaars sociale leven. Als er een feest in het dorp is, heeft iedereen feest. Je komt elkaar allemaal weer tegen. In de jeugd had ik een vriendengroep van 30 mensen. We gingen altijd samen met elkaar uit. We bestelden een taxi bij de plaatselijke kroeg. Samen uit, samen thuis. Er was altijd wel iemand met wie je weer mee naar huis kon. 

Toen kozen we ervoor om te gaan verhuizen naar een ander dorp waar we niemand kenden. Onze kinderen waren nog heel klein en we hadden het geluk dat we op hun school al snel mensen leerden kennen. In de kerk vonden we aansluiting.  We konden met iedereen opschieten. Ik sloot me moeiteloos aan bij vriendengroepjes. Deze keer kon ik mijn eigen vrienden kiezen. Niet omdat het dorp me dit oplegde, omdat we in een dorp nu eenmaal sociaal met elkaar omgaan. Of omdat de deur voor iedereen open staat. Het heeft me meer dan 2 jaar gekost om me veilig te voelen in mijn huis. Dat niet zomaar jan en alleman door mijn achterdeur naar binnen liep. Gepast of ongepast. Dat ik niet meer sociaal wenselijk voor iedereen klaar hoefde te staan. Deels natuurlijk ook omdat ik mijn eigen grenzen simpelweg niet kon aangeven.

De leegte van het socialisme

Toch was er bij mij een diepe leegte. Sociaal met zovelen maar een diepe vriendschap was er gewoonweg niet. Niet zoals ik op de basisschool had, op de Mavo en later op de Middelbare school. Een vriend met wie je alles kunt delen. Samen kunt lachen en samen kunt huilen. Die ene, die niet sociaal wenselijk in het dorp woont  en uit gewoonte bij je langs gaat maar er onvoorwaardelijk voor je is en jij voor hem of haar. Tijdens moeilijk processen en ziekteperiodes zag ik een patroon. De vriendschappen die ik had en belangrijk voor me waren, werden me op de een of andere manier steeds uit de handen geslagen. De diepe vriendschappen die er geweest waren, zijn op onverklaarbare wijze steeds stuk gelopen. De vrienden die ik daarna kreeg was vaak altijd doordat ik door anderen met anderen in contact ben gebracht. Middels conferenties leerde ik heel veel mensen kennen. Vaak was dat omdat ik met een van mijn vriendinnen mee ging. Haar vriendinnen werden mijn vriendinnen. enz

Altijd was er weer die angst dat het binnenkort kapot zou gaan. Altijd was er weer die angst dat het goede al snel weer zou ophouden. Patronen van sociaal wenselijk gedrag van mijn kant werden tevens zichtbaar. Het pleasen van anderen om vriendschappen in stand te houden. De angst nadat mijn beste kameraadje overleed. Hij was diegene met wie ik zo hard kon lachen, dat mijn buik er zeer van deed. Hij had dezelfde Drentse droge humor en cynisme die ik nog nooit was tegen gekomen bij een ander. Maar ook het simpelweg niet weten hoe ik een gezonde vriendschap in stand moet houden. Hoe vaak spreek je af als diegene niet dichtbij woont of een druk sociaal leven heeft? Wanneer bel je? Hoe doe je dat met verjaardagen? Eigenlijk dacht ik heel sociaal te zijn maar eigenlijk wist ik simpelweg niet hoe je een gezonde vriendschap onderhield.

Het is een jarenlang gebed geweest. Gelukkig kreeg ik waardevolle mensen om me heen. Ze zijn echte diepe, liefdevolle vriendinnen geworden. Gelukkig was er ruimte voor heling en genezing. Gelukkig waren zij er in voor en tegenspoed en ben zo onwijs blij met ze. Hou onvoorwaardelijk van hen. En toch bleef bij mij de vraag: “Heer, wie hebt U nu voor mij op het oog, zoals in mijn kinder-en pubertijd?” Is er nog eentje die erbij kan?  Bij wie klopt het voor 1000%  met dezelfde humor? Spreek ik dan met collega’s af? Iemand van de kerk? In wie mag ik op gezonde wijze investeren maar kan ik dat ook? Wie, in de grote schare van mensen uit uw Koninkrijk wilt u aan mij verbinden? Deze vraag bleef altijd. Tot het moment dat ik me er in vol vertrouwen aan over kon geven. Ik ben gelukkig met mijn vrienden die op dit moment om me heen staan. Het is goed en waardevol.

Het hart van Vader God zelf


Dit weekend was ik een dagje op een Vaderhartweekend bij mijn vriendin Hinke. Laat in de avond op vrijdag na een late dienst, besloot ik haar een appje te sturen: “Heb je morgen nog een plekje vrij? Ik snakte er naar om in een liefdevolle omgeving te zijn. Het was een zware week geweest. Veel negativiteit om me heen. Ik snakte ernaar om in de warmte en liefde van de Vader te zijn en in de ooh zo vertrouwde omgeving van mijn vriendin. Toen ik daar zaterdagmorgen aan kwam, zag ik tot mijn verbazing allemaal mensen die ik tijdens de seminar van Verzoend leven heb leren kennen. De laatste weken zien we elkaar op onverklaarbare wijze…..ELKE WEEK. Dit was het 3e opeenvolgende weekend, dat we niet gepland hadden! Hilariteit alom. Wat leuk om je nu alweer te zien. Samen delen, samen aanbidden, lachen, huilen….. Als je er op een natuurlijke wijze naar kijkt, dan schiet ik spontaan in de stress….Hoe close kun je zijn in zijn korte tijd? Vaders liefde en verbinding zet mijn leven compleet op de kop!!  Het feit dat we dialect spreken met elkaar raakt me dieper dan ooit. Zoals vroeger….In mijn oude dorp, op de middelbare school. Maar nu nog veel intenser, eerlijker, warmer en gelijkwaardiger. Hemels.
Het programma begint. Ik zoek een willekeurig plekje in de zaal. Niet bewust naast iemand gaan zitten. We aanbidden en bidden. We soaken in de aanwezigheid van Vader. Doordrenken zijn liefde en aanvaarding. De gebeurtenissen van de afgelopen weken wassen van me af en voel meer overstromend vervuld van de Geest. De vreugde, vrede en liefde overspoelen me.
Het beeld

Zomaar ineens, is daar een beeld. Een beeld waar ik jaren niet aan gedacht heb. Ik zie mijn oude vertrouwde middelbare school. Waar ik hele goede herinneringen aan heb. Dan voel ik de pijn en de leegte van de verloren vriendschappen van de afgelopen jaren. De mensen aan wie ik me volledig heb toevertrouwd en waarbij het tevens zo intens pijnlijk fout is gegaan. Een fluistering…..In het engels. “Wat zegt U nu?” Ik ken het woord niet. Nogmaals die fluistering…. Mijn hart wordt geraakt. Liefdevol. Herhaling op herhaling op herhaling

“Consider me your friends” …….consider me your friends……consider me your friends


Ik pak mijn mobiel en kijk op Google translate. Wat betekent consider?

Vertrouw je mij je vrienden toe? Overweeg je mij je vrienden te geven? Ik word geraakt….. Wat liefdevol. Hij vraagt mij om toestemming. En zeg ja op deze vraag. Dan zie ik een beeld van iemand van rond mijn eigen leeftijd. Ik zie de momenten dat ik in contact met haar kwam. Dan zie ik tevens de zaal voor me van de seminar van Verzoend leven en het beeld stopt. Ik schrijf het beeld op en ben onder de indruk. Wat heeft de Heer voor mij in petto? Ik zeg ja…..Voluit ja…..Ik vertrouw ze aan U toe. Ik ben bereid te investeren.

Dan is het middagpauze. We hebben een tijd voor onszelf. Ik bedenk me dat ik helemaal geen brood mee heb genomen. Alleen maar drinken. Ik denk na wat ik ga doen. Dan komt er iemand naar me toe van de mensen die ik de afgelopen weken steeds in het weekend zie. De nieuwe mensen waarmee ik op trek. “Ga jij ook mee?” Ik vind het prima. We gaan Veendam even in. Bij het naar buiten lopen, wordt er spontaan de lunch gedeeld. Met een groepje lopen we langs winkels. Hebben grote lol. Iemand biedt spontaan aan om op een ijsje te trakteren en we bombarderen hem tot suikeroom. De humor is niet uit de lucht. In de winkel en op straat, blikken van mensen. Ik zie ze… De Glorie van God is werkelijk op ons. Er is zoveel vrijheid, vreugde en liefde. In de middag hebben we weer een meeting bij Hinke thuis. Na deze meeting besluiten we weer samen op te trekken. Gaan bij iemand naar huis die ook in Wildervank woont en er wordt chinees gehaald door onze suikeroom. We praten elkaar bij en hebben lol. Dan…op een totaal onverwachts moment, achterin een tuin middenin de Veenkoloniën, het donkerste gebied van Nederland, worden 2 van ons aangeraakt op hetzelfde moment. We proesten het uit van het lachen. Hierna is de rest aan de beurt en vallen met een groep van 7 mensen in een idote vreugde van de Heer. Onze buiken doen zeer van het lachen, brillen gaan af van de tranen. 

Consider me your friends…..


’s avonds in de meeting bij Hinke gebeurt het weer een keer terwijl we met zijn 3-en op een rij zitten. We gaan stuk op het Groningse woord “poedie” Dan vertelt Henk een aantal zaken over het profetische. De jackpot van bevestiging valt voor de Veenkoloniën. De sprakeloosheid is doorbroken en elke angst is overwonnen. Onze jarenlange wens om op te trekken met diep herstelde mensen is in vervulling gegaan. We staan rechtop, zijn en voelen ons bruikbaar voor het koninkrijk. De olievlek verspreid zich. Mensen komen in hun kracht te staan. De overheersing en onderdrukking voorbij. Wij…..stelletje gebroken mensen, het ongeletterde arbeiders klootjes volk, komt meer en meer in God’s kracht te staan. We zijn een nieuwe generatie arbeidersvolk. God heeft het gebied teruggegeven aan zijn kinderen. Zoals de Lutherianen in 1700 een kerkje stichtten voor het arbeidersvolk in Wildervank. Om vervolgens monddood gemaakt te zijn door overheersing. De zwanen doen hun mond weer open, ze vliegen weer. Staan in hun kracht en het worden er steeds meer. Dwars door kerkmuren heen. Waardevolle vriendschappen zijn gelegd. Hemelse verbinding

Consider me your friends…..

vrijdag 16 juni 2017

Boos... op de onderdrukker

In de luwte of toch ondergedoken?
Mezelf in bescherming nemende.
Onzichtbaar makend. Ik ben er niet.
De storm woedt om me heen.

Diepe rust vanuit mijn binnenste.
De harde woorden om me heen.
Geshaked en toch bemoedigd.
Onderdrukt en er toch onderuit gekomen.

Onzichtbare kracht en Glorie openbaart zich.
Niet ik maar Hij door mij heen.
Zwakte verward met kwetsbaarheid.
Kwetsbaarheid en autoriteit = Overwinning

Ik ben zo boos op de onderdrukkers
De trotse mensen die niet buigen.
Niet in staat zijn kwetsbaar te zijn
maar slachtoffer na slachtoffer maken.

Zij die niet kunnen spreken.
Zij die niet sterk zijn
Zij die geen stem hebben
Gaan kapot door foute macht.

Een battle lijnrecht tegenover trots
Een gevecht tegenover hardnekkigheid
Christenen die zich dienend noemen
Maar slachtoffers maken in overvloed.

Dat doet zo zeer.....
Waarom geen gelijkwaardigheid?
Waar is de liefde van mijn Vader?
Hypocriet tot op het bot.

Dit is niet de liefde van mijn Vader
Niet de vreugde en de vrede.
Ik voel me boos.....Hoe kun je?
Over de hoofden en gevoelens van anderen.

Verbolgen in de Heer.
Wachtend en biddend voor gerechtigheid.
Want dat geeft Hij....
Op Zijn tijd.






donderdag 1 juni 2017

Welkom in mijn wereld


Ik zag een filmpje. En dat filmpje had me gelijk te pakken. Pieter Derks verteld over het overschot aan hoogopgeleide mensen in Nederland, dat ten koste gaat van de arbeiders. De praktijk mensen die metselen, verpleegkundigen die met hun handen werken. Oftewel in mijn eigen woorden: “de arbeiders die het fundament van de samenleving dragen.”  Zonder boerenarbeiders geen graan van het land, zonder vrachtwagenchauffeurs geen bevoorrading van winkels, zonder verpleegkundigen geen hulp aan je bed. Klinkt logisch…

Twee dagen geleden sprak ik met een familielid over een ander probleem onder ons als eind dertigers ,veertigers en begin vijftigers. Oftewel de kinderen die hun jeugd tussen de 70-en 90er jaren genoten hebben. De gouden tijden als het om de economie gaat. We konden huizen kopen, auto’s kopen, leningen afsluiten. Onze auto’s en onze huizen moesten groter en duurder dan hoe we opgegroeid waren. We moesten meedoen met onze vrienden en het anders doen dan onze ouders. Status werd belangrijk. Dit deden we niet bewust! Niemand zei het immers dat je mee moest doen. Je wilde genieten van het leven!! Je werkt er immers hard genoeg voor. Toch heb ik in mijn onderbewustzijn altijd haarscherp gevoeld dat onze rijtjeswoning, minderwaardig was ten opzichte van het riet gedekte boerderijtje van onze toenmalige vrienden. We hoorden er niet bij.
Ooit stonken we erin. We kochten een veel te dure en eigenlijk ook te oude Audi. Wij hadden een Audi!! We konden het niet betalen en sloten een lening af. Het feit dat we een lening hadden, gaf zoveel druk dat we elk dubbeltje omdraaiden en het restbedrag al binnen een jaar hadden afgelost. Beiden waren we opgegroeid met het besef om schuldenvrij door het leven te gaan. De Audi werd tot de draad toe afgereden. Bij elke garagebeurt sloeg ons de schrik om het hart. “Wat zou het nu weer gaan kosten? Konden we het nog betalen? Wij hadden een Audi…..en een hart vol angst. Maar als we bij onze vrienden waren, stond er wel een gelijkwaardige auto op hun oprit.

In onze vriendengroep werden er nieuwe huizen gekocht. Nagelnieuwe auto’s. De motoren deden hun intrede. De een nog duurder dan de ander. Caravans stonden op de inrit. Geen oude modellen. Nieuwe. De een nog mooier dan de ander. Wij arbeiderskinderen wilden het immers anders doen dan onze voorouders. We moesten genieten van het leven. We kochten telefoons en dure audio apparaten. Computers en telefoons. Edwin en ik stonden aan de zijlijn. We keken toe en spaarden. We kochten iets wanneer we het geld hadden. We incasseerden de vragen over ons huis, onze auto, onze caravanvrije vakanties. We waren open en eerlijk dat we iets anders niet konden betalen. We vroegen ons keer op keer af: “Waar doen zij dat nu van?” Onze telefoons werden instapmodelletjes, de tv werd pas vervangen als de oude kapot was. Zo waren we immers opgevoed. We hadden dromen, wilden wel anders. Maar hadden simpelweg de middelen niet.
We kochten een huis. In een ander dorp. 15 kilometer verder. Een huis dat we konden betalen op 1 loon. Een twee onder 1 kap. Zelfs nu nog na bijna 12 jaar kan ik naar dit huis kijken met gevoel van trots. Ons huis! We konden in die tijd erna duurder. We konden mooier, we wilden, we konden….. We konden helemaal niets want ik werd ziek. We konden dus een huis kopen op 1 loon, dat elke maand keurig wordt afgelost.

In die tijd van ziekte leerde ik een wijze les. Een les die niet te betalen is. Gelukkig zijn met : NIKS. Leven in het moment. Van binnen zo diep vervuld te zijn met een gevoel van eigenwaarde. Zonder dat het een rooie cent kost. In de armoede van het leven, d.w.z. zonder invulling, zonder baan, zonder status en hobbies, vervuld te zijn met een diepe rust en vertrouwen. De ware Shalom.

Jezus sprak: “Vrede laat ik u, Mijn vrede geef ik u; niet zoals de wereld die geeft, geef ik die u. Laat uw hart niet in beroering raken en bevreesd worden.”


En nu na een jaar weer terug te zijn in het arbeidsproces, merk ik dat er ineens verleidingen de kop op steken. Met een scheef oog kijk ik ineens weer naar opleidingen voor een hogere functie. Ik zit op Funda te kijken naar huizen. Niet elke dag. Zo af en toe pakt het mij. En dat mag. Ik heb die vrijheid. En ik mag van het leven genieten. Leven met de middelen die we hebben. Mijn telefoon begeeft het, en ik kijk naar de hogere klasse’s om vervolgens weer nuchter datgene te kopen wat ik kan betalen. Ik kocht een autootje voor mijn werk. Ondertussen keek ik met een scheef oog in de krant naar leaseplannen. Ik wil immers ook wel eens nieuw. Helaas staat de nieuwprijs niet op mijn bankrekening. Om vervolgens datgene te kopen wat wel met onze spaarrekening betaald kon worden. Ik kijk naar vacatures…..Je weet immers maar nooit. Toch komen we  gelukkig altijd weer terug in de nuchterheid van het hier en nu. Hoe staan de zaken ervoor en wat is mogelijk?
Na de zoveelste huwelijkscrisis, zijn we weer in rustig vaarwater terecht gekomen. We staan buiten. Edwin en ik. Het raakt me diep. In onze menselijk zoektocht naar een beter bestaan. Of dat nu met liefde of geld te maken heeft of met bezit, een baan of status. Niets menselijks is ons vreemd. Elke dag zijn daar die verleidingen. Het is alleen de vraag: ”Hoe ga je ermee om?” Zwicht je ervoor? Geniet je van het leven omdat je innerlijk in balans bent? Dat je het kunt betalen of omdat  aanzien of bezit je drijfveer is?

Daar staat hij dan, mijn echtgenoot die ik al 21 jaar ken, mijn 17-jarige Polo te poetsen met ouderwetse Commandant cleaner en Turtle wax. Hij heeft hem eerst gewassen, toen gepoetst en nu werkt hij wat plekjes bij. Ouderwets handwerk waar hij vroeger ooit voor is opgeleid binnen de autobranche. Mijn hart smelt. Hij weet dat dit belangrijk voor me is en hij stapt zelf een drempel over van zijn verleden. Er staan wat buurmannen naast. De eerste keer sinds ik hem heb, zegt iemand er wat van: ”Tis eigenlijk nog een schitterend karretje Alien” “En zo weinig kilometers op de klok” “Pas maar op” zegt een andere buurman tegen Edwin, “straks poets je hem nog zilvergrijs” “komt dat mooi uit”, roep ik lachend terug “Die wou ik ook graag maar was niet in mijn prijsklasse!!”

Terug naar het filmpje van Pieter Derks. Over arbeidersmensen. Zij die dreigen te verdwijnen. We moeten hoger opgeleid worden hebben we ooit bedacht. Terug naar mijn generatie. We willen meer en mooier en groter. Terug naar de levensles tijdens mijn ziekte:

“Daarom zeg ik u: Wees niet bezorgd over uw leven, over wat u eten en drinken zult; ook niet over uw lichaam, namelijk waarmee u zich kleden zult. Is het leven niet meer dan voedsel en het lichaam meer dan kleding? Kijk naar de vogels in de lucht; zij zaaien niet en maaien niet, en verzamelen niet in schuren. Uw hemelse Vader voedt ze evenwel.; gaat u ze niet ver te boven?”

Wat een liefde! Lees vooral heel Mattheus 6: 19-34 Een complete aanwijzing voor het hier en nu.
Ik zit in het zonnetje aan de picknicktafel. Zet nu een punt achter deze blog. De eerste keer dat ik op mijn nieuwe 2-in1 laptop werk. Een prachtig ding met touchscreen en omklapbaar toetsenbord. Gisteren samen gekocht met Edwin. Na 2 dagen zoeken en vergelijken op internet. Gekocht van mijn vakantiegeld. Gewoon…..omdat het kan. Wat een rijkdom!


dinsdag 3 januari 2017

Onvoorwaardelijke liefde

Ze is  35 jaar. Een vrouw op mijn afdeling van een vorige werkplek. Ze is doof en bijna blind. Haar verstandelijk niveau reikt amper tot 1,5 jaar, aldus de deskundigen. Praten kan ze niet. Ze ziet tot een halve meter een klein beetje. Onze verzorging als begeleiders reikt tot het verschonen van luiers, het helpen douchen en geven van orders. Orders? Ja……orders. Ooit heeft iemand in 1995 bedacht, dat als je op de tafel klopt en wuift, je aandacht krijgt. Als je dan wijst naar de rollator, dan weet deze vrouw, die ik nu een andere naam: Joy geef, dat ze naar haar kamer moet wandelen. Hier zal ze dan verschoond worden.

Ik zit aan de tafel. Ik kijk naar Joy. Het is tijd. Tijd om haar te verschonen. Luiers voor volwassenen, ongeveer een meter breed. Ik klop op de tafel, trek haar aandacht met mijn hand en wijs. Wijs naar haar rollator. Het is als een commando. Dit commando……Kan ik simpelweg niet meer. Diegene die het ooit bedacht. Ik heb er geen sympathie voor.

Joy, een jonge vrouw. Is niet anders gewend. Anderen beslissen over haar leven. Ze leeft al jaren in een instelling voor mensen met een verstandelijke beperking Ze is zover beschadigd, dat ze het niet verdraagt dat iemand aan haar zit. Een knuffel is uit den boze. Hechtingsproblematiek. Het maakt dat we als begeleiders plastisch te werk gaan en commando’s geven. Omdat de heren geleerden het ooit zo bedachten.

Ik zie voor mij, een vrouw. Ik zie haar ogen die afdwalen. Ogen die geen contact zoeken. Ik zie een mens, een persoon. Nieuwschierigheid is in mij. Bewogenheid is in mij. Liefde is in mij. Wie ben jij? Wie zit er in jou? Ik kan het niet meer. Commando’s geven. Afstand omdat iemand bedacht dat zij het niet wil. Orthopedagogen maakten een verslag. Mijn hart denkt er anders over. 


Ik denk aan mijn eigen leven. Een meter prikkeldraad om mijn comfortabele metertje. “Kom niet in de buurt” “Raak me niet aan”.  Ik denk aan mijn hart. Dat schreeuwt. Ik kan het niet maar de behoefte is zo groot. “Hou me vast” Ik zie mijn eigen gedrag. Aanraking verstijft als een plank. Ooit…. Er kwam verandering in. Liefde. Vertrouwen.

Joy….Ik wil weten wie jij bent. Ik wil weten wie er in jou zit. Joy….Ik kies ervoor om jou lief te hebben. Ik kies ervoor, om jou, dat te geven wat je niet verdraagt maar wat je wel nodig hebt. Aanraking en liefde. Vanaf die dag, geef ik geen commando’s meer. Elke keer als ik jou moet verschonen of verdrogen, elke keer dat je een eindje moet lopen, pak ik niet je rollator. Geef ik geen commando.
Ik kies ervoor om je mijn hand toe te reiken. Ik geef je mijn hand en samen lopen we naar je kamer. Samen lopen we naar je douche om je te helpen. Samen lopen we terug. Hand in hand.


Joy….een beschadigde vrouw. Het niveau van een jong kind van 1,5. Doof en bijna blind. Je verdraagt mijn hand nu al zeker een half jaar. De blikken in je ogen zijn niet alleen meer naar de tafel of in de verte. De blikken in jouw ogen, kijken me ineens aan. Recht in mijn ziel. Ik breng je naar bed. Kleed je uit. Doe je pyama aan en sla je deken open. Je stapt in je bed. Normaal, draai je je om. Zie je mij niet meer  en ga je slapen. Nee….nu is het anders. Je kijkt mij aan. Het halve metertje zicht dat je hebt, zoekt contact. En dan….totaal onverwachts, is daar jou hand. Ver verstopt onder de dekens vandaan reik je jouw hand boven de dekens. Je zoekt mijn hand. Ik geef het je. Onze warme handen raken elkaar. Een chemische reactie vindt plaats. Jouw gezicht…..Je lacht van oor tot oor. Dwars tegen de onderzoeken van de orthopedagoog in. Liefde……Onvoorwaardelijke liefde was het antwoord op jouw levensbehoefte. De hardheid smolt, de liefde overwon. Mijn hart smelt ook. Een traan rolt over mijn wang. We hebben elkaar begrepen. Jouw hand in de mijne. Geen commando’s. Liefde is het antwoord. Gewoon. Hand in hand. Jij en ik. 

vrijdag 30 december 2016

Tussen oud en nieuw

We eindigden vorig jaar als gezin met een groot gebed. Mijn gezondheid was zo slecht, dat we besloten hadden om thuiszorg aan te vragen om ons gezin te ontlastten. De berichten uit het ziekenhuis waren zodanig, dat er uitzichtloosheid leek te zijn. Uitbehandeld. 

Op de laatste dag van het jaar, kochten we een wensballon. Een grote papieren zak. We schreven het vol met gebeden als gezin. Met dankbaarheid voor de dingen die er wel waren geweest. Met wensen voor het nieuwe jaar aan onze hemelse Vader. Het was een pijnlijk maar intens en dankbaar moment. Eerst vierden we gezamenlijk als gezin het avondmaal. We baden onze gebeden uit. We staken de wensballon aan en lieten hem de lucht in gaan. Een eenparig gebed van ons 4-en aan onze God. “Dat mama weer gezond mocht zijn” “Dat we gelukkig mochten zijn” Gerechtigheid…. Een leven zonder pijn.

Amper 3 weken nadien, voltrok zich een Godswonder. Een lang verhaal kort. Van uitbehandeld in het medische circuit, werd mijn alles zeggende en ondragelijke zenuwpijn aan de kant geschoven door een fysiotherapeut. Hemelsbreed slechts 500 meter van ons huis vandaan. Daar, terwijl ik in het voortraject aan mijn hersteloperatie nog liggend op de achterbank, 200 kilometer heen en 200 kilometer terug, de ontbering moest doorstaan van een second opinion en vervolg behandelingen. Artsen die  WEL wisten wat er aan de hand was. Zenuwblokkades, de meest vrouw onvriendelijke onderzoeken en behandelingen. Het kostte een hoop.
Ondertussen kwamen de medische dossiers op ons huisadres binnen. Fouten waar de honden geen brood van lustten. Dit leed was niet nodig geweest.
En dan ineens is het december 2016. We zijn een jaar verder. Een jaar verder in het proces. Rechtop, werkend met een nieuwe baan. Uitkeringsloos, volop in de maatschappij actief. Mijn eigen huishouden runnend. Diep dankbaar, voor de uitkomst. Diep dankbaar voor de zegen. Thuiszorg is nooit nodig geweest.

Schrijvend van deze blog, rollen de tranen over mijn wangen. Ja, dankbaar voor wat over is maar….
Pijnlijk, om weer in het arbeidsproces mee te draaien. Pijnlijk om weer volledig deel te nemen aan de gang van de wereld. De diepte, de boosheid, het gekonkel, de niets zeggende gesprekken. De hardheid van de wereld pakt me bij de neus. Prestatiedrang, waar ik allang mee afgerekend had, wordt me in de maag gesplitst. Mee gezogen om eensgezind te zijn met een stroming wat ik niet wil.
Een strubbeling. Het ZIJN, lijkt ineens ver te zoeken.

Weemoedig denk ik terug aan een jaar. Daar, waar mijn Vader in de hemel, nog nooit zo dichtbij was. Nog nooit zoveel liefde gaf. Nog nooit, zoveel verzorging gaf. Inzichten, diepte, profetie, strategie, vreugde, vrede en liefde. Ik was alleen. Veel alleen. Samen met hem in de schuilplaats. En nu….. terug in de wereld. Dankbaar voor wat kwam maar wetende….. Dat de alles vervullende liefde en vrede, in een tijd van onderdrukking en pijn, groter en dieper is dan een gezond mens ooit zal kunnen begrijpen. God ziet om naar de lijdende mens. Dieper en intenser dan ooit verwacht.

Ik kijk uit naar een nieuw jaar. Denk met weemoed terug naar de diepe intense vervulling van de eenzame en pijnlijke momenten. Ik heb maar 1 wens voor 2017. “Leer me om te leven in deze wereld” Zoals U het bedoelt heeft. De andere kant van de medaille. Van vreugde, vrede en liefde. Een leven in overvloed. Leer me om te leven, te midden van zovelen. Te midden van een wereld dat U net zo hard nodig heeft als ikzelf. Sta op en schitter....


donderdag 1 december 2016

Sprakeloosheid doorbroken, angst overwonnen.

Het is een lange tijd geleden. Ik loop met mijn fotocamera langs sloten en rietpluimen.
Het gebied waar mijn voorouders ooit met blote handen het land ontgonnen, zodat wij er nu na honderden jaren kunnen wonen. Duitse pioniers die een kerk stichtten in Wildervank. Vrije Luthersen die zich de mond niet lieten snoeren. Zwanen die op stonden nadat de ganzen monddood waren gemaakt.
Zij waren vrije christenen, arbeiders.
Onderdrukt door hun veenbazen maar levend in Christus.
Ze stichtten een kerk. “Het geknakte riet verbreekt Hij niet”


Het duurde generaties, waarbij de duivel op den duur vrij spel had. Afvalligen.
Ik mijmer wat, ik overdenk de informatie van de geschiedenis. Atheïsten, socialisten. Onderdrukten, maar hard van tong. Ze kwamen op voor zichzelf, lieten zich de wet niet voorschrijven. Zeker niet door de kerkmensen die hoog van de toren bliezen. De wet naleefden. Door de week als boeren van stand, op zondag als leden van de kerkenraad. De onderdrukking ten top. Het had niets met de liefde van God te maken maar met de positie van de mens. De arbeider had maar te slikken. En God zelf?

Mijn gedachten gaan terug naar de afgelopen seminar van Verzoend leven Veenkoloniën. Na jaren van bidden en hart voor ons gebied, kregen we groen licht van God. “Breng de verkregen informatie in de praktijk” Nadat velen van ons er diep doorheen gingen. We deden in de loop van de jaren afstand van generatie overdrachten en moeites uit ons bestaan. We ontvingen genezing, bevrijding. We leerden met elkaar omgaan en werden 1 met elkaar. 1 in Christus. Er was geen rang of stand. Er was eenheid. 

Ik zit voorin de kerk. Alleen. Klaar voor mijn taken. Klaar voor hand- en spandiensten. Ben het me niet eens bewust. Ik zit alleen. De gehele dag. Alleen. Maar vol van de Geest. 1 iemand van het team gaat ook voorin de rij zitten maar er is een stoel tussen ons in. We hebben amper contact. Dat onze harten verbinding hebben is genoeg. Meer dan genoeg. Alles zeggende liefde en vervulling.
De seminar begint. Het programma verloopt.
We komen op het punt van vergeving. Ik hoor de stoelen klappen.
Een voor een….. Vele mensen komen naar voren. Schrijven een schuldbrief, plakken het op het kruis. God geneest, bevrijdt.
We hoeven niets te doen. God doet het. Hij komt zijn beloftes na. Van al die jaren bidden. Het dal van dorre doodsbeenderen komt tot leven.

Ik denk aan dat moment. Een paar weken terug tijdens een conferentie. Mission possible. Ik lig op de grond te bidden. Mijn binnenste brandt….Huilt. Ik ben zoooo verdrietig. Schreeuw het uit. Huil voor mijn volk. “Heer het is uw volk! Mijn volk…..” “Kom met Uw heling, genezing. Kom met Uw licht in dit duistere gebied” God sprak….”Het is volbracht” Zijn shalom overmant me.
Nu zit ik zit op mijn stoel, voorin in de kerk…..Alleen. Hoef niets te doen. Mensen komen, mensen gaan. Allen plakken ze een briefje op het kruis. Ze schenken vergeving. God gaat zijn weg met mijn volk…. Zijn volk.

Ik loop door het gebied van mijn voorouders. Zij, die ooit als Luthersen het land ontgonnen. Boven mij hoor ik gakkende ganzen. Overtrekkende vogels. Maar dan…een ander geluid. De zwaan. Het geluid raakt me in mijn ziel, mijn Geest. Het symbool van de Luthersen. Ze doen hun mond open. Daar waar de ganzen het zwijgen werd opgelegd. Mijn camera heeft 1 kans. Ik richt mijn lens omhoog en dan….  Heb ik een hemels shot. Vrije zwanen.

Zij die alles zeggen. Ze deden hun mond wel open. Vertelden van hun voorouders. Vertelden van hun vrijheid. Zoals het team en ik dat deden…..De sprakeloosheid doorbroken en elke angst overwonnen.